www.werkuitleg.nl
Editie 2026
WerkUitleg
WW & Ontslag

WW-uitkering: wat zijn je rechten?

welke ww uitkering

Welke WW-uitkering krijg je na ontslag? Alle varianten uitgelegd voor 2026

Je krijgt ontslag. Paniek. Want welke uitkering staat je nu eigenlijk te wachten? Nederland kent niet één WW-uitkering, maar verschillende varianten met elk hun eigen voorwaarden, hoogte en duur. De werkloosheidswet (artikel 16 Werkloosheidswet) maakt onderscheid tussen de reguliere WW, de verlengde WW, de IOW-uitkering en nog wat andere vormen. Verwarrend genoeg hangt wat jij krijgt af van je leeftijd, arbeidsverleden, ontslagtype en of je wel of niet direct beschikbaar bent voor de arbeidsmarkt.

De basis: vanaf de eerste twee maanden ontvang je 75% van je dagloon, daarna 70%. Maar de duurtijd varieert van drie maanden tot maximaal 24 maanden. Dat verschil bepaalt of je financieel overeind blijft of met de billen bloot komt te staan.

De reguliere WW-uitkering: voor de meeste werknemers

De reguliere WW-uitkering vormt de basis voor verreweg de meeste werkloze werknemers in Nederland. Je komt hiervoor in aanmerking als je:

  • Ten minste 26 van de laatste 36 weken hebt gewerkt (de zogenaamde referte-eis, artikel 17 lid 1 Werkloosheidswet)
  • Minstens vier van de laatste 36 weken minimaal vijf uur per week hebt gewerkt (artikel 17 lid 2 Werkloosheidswet)
  • Je arbeidsverhouding is beëindigd zonder dat het jouw schuld is
  • Je direct beschikbaar bent voor werk

Stel je werkt twee jaar bij een webshop als magazijnmedewerker op een 40-urig contract. De onderneming moet bezuinigen en jouw functie vervalt. Je krijgt een ontslagvergunning van UWV of een ontbinding via de kantonrechter. In dat geval voldoe je aan alle eisen en start je WW-uitkering zodra je laatste werkdag erop zit.

De hoogte blijft gelijk voor iedereen: eerste twee maanden 75% van je dagloon, daarna 70% (bron: UWV particulieren). Je dagloon berekenen ze over je loon van de 12 maanden voor je werkloos werd. Zit je op €3.000 bruto per maand? Dan krijg je de eerste twee maanden ongeveer €2.250 bruto, daarna €2.100 bruto. Let op: dit is bruto, dus na aftrek van belasting hou je minder over.

Maar er zit wel een maximumbedrag aan vast. In 2026 ligt het dagloon-maximum op €278,25. Verdien je meer dan €5.842 bruto per maand? Dan wordt je uitkering afgetopt. Je krijgt dus niet oneindig 70% van je salaris uitgekeerd.

Duur van je WW: arbeidsverleden telt zwaar

Het aantal maanden dat je WW krijgt hangt volledig af van hoeveel je hebt gewerkt in de tien jaar vóór je werkloos werd. Hier wordt het ingewikkeld. Het UWV hanteert een staffel (artikel 42 lid 1 Werkloosheidswet):

Basisrecht: Elke maand dat je hebt gewerkt in de vier kalenderjaren voorafgaand aan het jaar waarin je werkloos wordt, levert één dag WW-uitkering op. Werk je dus 48 maanden? Dan krijg je 48 dagen basisrecht.

Werk je korter dan vier jaar? Dan krijg je maximaal drie maanden WW. Heb je vier tot negen jaar arbeidsverleden? Dan krijg je nóg eens een maand extra per jaar werkervaring boven die vier jaar. Werk je tien jaar of langer? Dan komt daar nog een maand WW bovenop voor elk heel jaar werkervaring, tot een maximum van 24 maanden WW (bron: UWV particulieren).

Een concreet voorbeeld. Stel je werkt zes jaar ononderbroken als HR-adviseur. Je hebt in de vier jaar vóór ontslag 48 maanden gewerkt. Dat levert 48 dagen basisrecht. Bovendien werk je al zes jaar, dus twee jaar langer dan de basisdrempel van vier jaar. Dat levert 2 × 1 maand extra op. In totaal krijg je dus ongeveer vijf maanden WW-uitkering.

Werk je twaalf jaar? Dan krijg je drie maanden basisrecht plus acht maanden (voor jaar vijf tot en met twaalf). Dat is elf maanden WW.

Let op: je moet je werkdagen kunnen aantonen. Werk je als flexwerker met wisselende contracten? Zorg dan dat je loonstroken en contracten goed bewaart. Het UWV wil bewijs zien van elk gewerkt jaar.

IOW-uitkering: voor oudere werknemers met lang dienstverband

Vanaf 2020 bestaat er naast de reguliere WW nog een verlengde uitkering voor oudere werknemers: de inkomensvoorziening oudere werklozen (IOW). Deze regeling vangt werknemers op die aan het einde van hun WW-periode nog steeds geen werk hebben gevonden en moeilijk bemiddelbaar zijn vanwege hun leeftijd.

Je komt in aanmerking voor de IOW als je:

  • Je volledige WW-periode hebt uitgeput (dus die maximale 24 maanden)
  • Nog geen AOW-leeftijd hebt bereikt
  • In het jaar voordat je werkloos werd tenminste één jaar onafgebroken hebt gewerkt
  • Nog steeds beschikbaar bent voor werk

De IOW-uitkering bedraagt 70% van het minimumloon. In 2026 komt dat neer op ongeveer €1.300 netto per maand (uitgaande van het wettelijk minimumloon van €13,68 per uur bij een 40-urige werkweek). Dat is aanzienlijk minder dan de reguliere WW, die uitgaat van je eigen loon. Voor iemand die jarenlang €4.000 bruto verdiende, voelt dit als een harde financiële klap.

Stel je bent 58 jaar, werkt 25 jaar als productiemedewerker en wordt werkloos door een reorganisatie. Je krijgt eerst 24 maanden reguliere WW. Na die periode ben je 60 jaar. Lukt het niet om nieuw werk te vinden? Dan stroom je door naar de IOW tot je 67ste (de huidige AOW-leeftijd). Dat voorkomt dat je met 60 jaar al naar de bijstand moet.

Wanneer krijg je géén WW of een lagere uitkering?

Niet elk ontslag levert een WW-uitkering op. Het UWV kan je uitkering weigeren of korten. De belangrijkste valkuilen:

Ontslag op staande voet: Ben je ontslagen wegens wangedrag (artikel 7:678 BW), dan krijg je meestal een uitkeringsweigering van 26 weken (artikel 27 Werkloosheidswet). Stel je steelt uit de kassa of mishandelt een collega. Het UWV oordeelt dan dat je zelf verantwoordelijk bent voor je werkloosheid. Na die 26 weken kun je opnieuw een aanvraag indienen.

Ontslag met wederzijds goedvinden zonder geldige reden: Onderteken je zelf een beëindigingsovereenkomst terwijl er geen dringende reden is (geen reorganisatie, geen disfunctioneren)? Dan riskeer je een maatregel. Het UWV vraagt altijd: was er een objectieve reden voor dit ontslag? Kreeg je voldoende begeleiding bij disfunctioneren? Zo niet, dan kan het UWV stellen dat je zelf je baan hebt opgezegd.

Te hoge ontslagvergoeding: Krijg je een forse vertrekpremie of beëindigingsvergoeding? Dan kan het UWV je uitkering uitstellen. Ze hanteren de zogenaamde 'verlengde wachttijd' (artikel 16 lid 2 Werkloosheidswet). De vergoeding wordt gedeeld door je maandloon. Het aantal maanden dat hieruit komt, moet je wachten voordat je WW ingaat. Krijg je €30.000 vertrekpremie en verdien je €3.000 per maand? Dan start je WW pas na tien maanden.

Niet beschikbaar voor werk: Ga je na ontslag op wereldreis zonder je bij het UWV af te melden? Of weiger je sollicitaties te doen? Dan kun je je uitkering verliezen. De WW verplicht je actief naar werk te zoeken en aanbiedingen (binnen redelijke grenzen) te accepteren.

Zelfstandige zonder loondienst: Werk je jarenlang als zzp'er en stop je daarmee? Dan heb je geen recht op WW. De werkloosheidswet geldt alleen voor werknemers in loondienst met loonheffing. Dit treft jaarlijks duizenden voormalige zelfstandigen die niet kunnen terugvallen op een uitkering.

WW voor flexwerkers en seizoensarbeiders

Werk je via een uitzendbureau, heb je een nul-urencontract of werk je seizoensgebonden? Dan wordt de berekening lastiger, maar de regels blijven in principe hetzelfde. Je moet nog steeds 26 van de 36 weken hebben gewerkt.

Het verschil: je arbeidsverleden is vaak versplinterd over meerdere werkgevers. Het UWV telt al je dienstverbanden bij elkaar op. Werk je tien weken bij uitzendbureau A, dan drie maanden via platform B, dan weer acht weken bij werkgever C? Dat kan samen voldoende zijn voor de WW.

De hoogte van je uitkering baseert het UWV op het gemiddelde van je loon in het jaar vóór je werkloosheid. Had je twee maanden vol werk tegen €2.500 bruto en acht maanden met alleen sporadische opdrachten tegen €800 bruto? Dan wordt je dagloon berekend op basis van dat hele jaar. Dat drukt je uitkering flink.

Seizoensarbeiders in de horeca, landbouw of bouw kennen dit probleem goed. Werk je elk jaar van april tot oktober fulltime in de tuinbouw, en ben je daarna werkloos? Dan krijg je WW voor die werkloze maanden. Maar je arbeidsverleden stapelt niet eindeloos op. Elk jaar opnieuw moet je voldoen aan de 26-wekeneis.

Inkomenseis en referte-eis: technische drempels die je kunnen treffen

Naast de wekeneis kent de WW nog twee vervelende technische eisen die sommige werknemers onverwacht buiten de boot laten vallen.

Inkomenseis (artikel 17b Werkloosheidswet): Je moet in 26 weken tenminste een bepaald minimumloon hebben verdiend. In 2026 komt dat neer op ongeveer €5.400 in totaal over die 26 weken (gebaseerd op het wettelijk minimumloon van €13,68 per uur). Verdien je minder, bijvoorbeeld omdat je maar één dagdeel per week werkt? Dan kun je buiten de boot vallen.

Dit raakt vooral scholieren en studenten met kleine bijbaantjes. Werk je één avond per week in de horeca voor €250 per maand? Dan kom je over 26 weken maar op €1.500. Te weinig voor WW. Zodra je contract afloopt, sta je met lege handen.

Referte-eis: Die 26 weken moeten vallen binnen de laatste 36 weken vóór je eerste werkloosheidsdag. Stel je werkt zes maanden intensief, stopt dan vier maanden zonder werk te zoeken (bijvoorbeeld voor een reis), en vraagt daarna pas WW aan. Probleem: je hebt niet genoeg recente weken. Het UWV kijkt altijd terug naar de 36 weken direct vóór je aanvraag.

WW aanvragen: timing en procedure bij het UWV

Je hebt een ontslagbrief. Wat nu? Meld je werkloos uiterlijk op je eerste werkloze dag via werk.nl. Niet een week later, niet alvast twee weken van tevoren (kan niet), maar op dag één. Elke dag dat je te laat bent, verlies je uitkering.

Inloggen doe je met DigiD. Het online formulier vraagt naar:

  • Je arbeidsverleden (werkgevers, data, loon)
  • Reden van ontslag (ontslagbrief uploaden)
  • Eventuele vertrekvergoeding
  • Inkomsten uit andere bronnen
  • Je woonlasten

Het UWV stuurt je werkgever vervolgens een werkgeversverklaring. Die moet jouw gegevens bevestigen. Duurt dat langer dan twee weken? Bel je werkgever. Want zolang die verklaring er niet is, krijg je geen uitkering.

Na beoordeling krijg je binnen vier weken een besluit. Akkoord? Dan ontvang je rond de 20e van de maand je eerste uitkering. Afwijzing? Dan kun je binnen zes weken bezwaar maken. Dat loopt via een apart formulier op uwv.nl. Het UWV heroverweegt je aanvraag. Ben je het nog steeds niet eens? Dan kun je in beroep bij de rechtbank (sector bestuursrecht).

Veel afwijzingen draaien om onduidelijkheid bij ontslag. Het UWV wil precies weten: was er een zakelijke reden? Werd je ontslagen om bedrijfseconomische redenen of om jouw functioneren? Bij twijfel vragen ze extra stukken op: verbeterplannen, functioneringsgesprekken, reorganisatieplannen. Heb je die niet? Regel ze bij je oud-werkgever. Je hebt recht op inzage in je personeelsdossier (artikel 7:660 BW).

Verplichtingen tijdens je WW: solliciteren en beschikbaar blijven

Een WW-uitkering is geen passief inkomen. Je moet actief werk zoeken. Het UWV eist dat je:

  • Je inschrijft als werkzoekende via werk.nl
  • Maandelijks sollicitaties registreert (hoeveel hangt af van je situatie, vaak minimaal vier per maand)
  • Inloopspreekuren en gesprekken met je arbeidsdeskundige bijwoont
  • Passende banen accepteert (ook onder je oude niveau of met lager loon)

Vanaf de eerste WW-dag moet je bereid zijn een baan te accepteren die qua loon, niveau en reistijd 'passend' is. De eerste zes maanden mag je kiezen voor werk op je eigen niveau. Daarna verlaagt de mesplank. Na een half jaar moet je ook banen accepteren die 20% onder je oude salaris liggen, en na een jaar zelfs werk op minimumloon-niveau.

Weiger je een passend aanbod zonder goede reden? Dan stopt je uitkering direct. Dit geldt ook als je te laat komt op een sollicitatiegesprek, een proefdag afzegt zonder bericht, of aanbiedingen negeert.

Ben je ziek tijdens je WW? Meld dit meteen. Je blijft recht houden op je uitkering, maar je hoeft tijdelijk niet te solliciteren. Het UWV stuurt je naar hun verzekeringsarts. Die beoordeelt of je echt arbeidsongeschikt bent. Zo ja, dan kan je WW na twee jaar overgaan in een WIA-uitkering (Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen).

Vakantie, bijverdiensten en andere inkomsten tijdens WW

Mag je op vakantie als je WW hebt? Ja, maar meld dit vooraf via je account op werk.nl. Je blijft tijdens vakantie beschikbaar voor sollicitaties en gesprekken (tenzij je in het buitenland zit). Ben je langer dan vier weken achter elkaar weg? Dan stopt je uitkering tijdelijk.

Bijverdiensten: Je mag naast je WW werken. Je verdiensten worden echter gedeeltelijk op je uitkering gekort. Verdien je in een maand minder dan 50% van je dagloon? Dan mag je het eerste deel houden zonder korting (artikel 31 lid 2 Werkloosheidswet). Verdien je meer? Dan gaat het UWV je uitkering naar rato verlagen.

Concreet: stel je WW-uitkering is €2.100 per maand. Je vindt een bijbaantje van 12 uur per week voor €1.200 bruto. Dat blijft onder de 50%-grens. Het UWV laat je uitkering ongemoeid. Verhoog je dat naar 20 uur voor €1.800? Dan korten ze je WW met het meerdere.

Vakantiegeld: Je krijgt 8% vakantietoeslag over je WW-uitkering, uitbetaald in mei. Dat lijkt mooi mee te vallen, maar vergeet niet dat dit bij regulier werk standaard is.

Pensioen: Ontvang je naast je WW al pensioen (AOW of eerder opgebouwd pensioen)? Dan kijkt het UWV of je uitkering moet worden gekort. Ontvang je een aanvullend pensioen dat je hebt opgebouwd bij je laatste werkgever? Dan kan dat gevolgen hebben voor je WW. Het UWV hanteert hiervoor technische rekenregels. Krijg je bijvoorbeeld een RVU-uitkering of prepensioen? Dan kan je WW volledig stopgezet worden.

Wanneer moet je een arbeidsrechtadvocaat inschakelen?

Sommige WW-kwesties zijn te gecompliceerd om zelf op te lossen. Schakel juridische hulp in als:

  • Je een afwijzing krijgt terwijl je vindt dat je wél recht hebt op WW
  • Het UWV stelt dat je zelf verantwoordelijk bent voor je ontslag, maar dat klopt volgens jou niet
  • Je werkgever heeft je onder druk gezet om een beëindigingsovereenkomst te tekenen
  • Je een maatregel krijgt (korting of weigering) waar je het fundamenteel niet mee eens bent
  • Je onduidelijkheid hebt over de hoogte of duur van je uitkering en het UWV geeft geen bevredigend antwoord

Een gespecialiseerde arbeidsrechtadvocaat kan je helpen met bezwaar en beroep. Kosten lopen uiteen, maar sommige rechtsbijstandsverzekeringen dekken dit. Heb je die niet en weinig financiële ruimte? Vraag dan een toevoeging aan bij de Raad voor Rechtsbijstand. Met een laag inkomen (WW telt daarbij) kun je in aanmerking komen voor gesubsidieerde rechtshulp.

Let op: procedeer je tegen het UWV, bereid je dan voor op een lang traject. Bezwaar duurt vaak drie tot zes maanden. Beroep bij de rechtbank nog eens zes tot twaalf maanden. Hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep kan jaren duren. Sommige werklozen hebben intussen allang nieuw werk gevonden voordat hun zaak is afgerond.

Na je WW: bijstand of andere regelingen

Eindigt je WW en heb je nog geen werk? Dan rest meestal alleen de bijstand (Participatiewet). Die uitkering is veel lager en afhankelijk van je vermogen en woonsituatie. Alleenstaanden krijgen in 2026 maximaal ongeveer €1.250 netto per maand. Heb je een werkende partner? Dan houdt de gemeente daar rekening mee en kan je uitkering lager uitvallen of zelfs helemaal vervallen.

De bijstand stelt strenge eisen. Je moet eerst al je vermogen (spaargeld, aandelen, tweede auto) opeten tot maximaal €7.505 (peildatum 2026, kan jaarlijks wijzigen). Woon je samen met een partner? Dan wordt zijn of haar inkomen ook meegeteld. Verdient je partner meer dan een bepaalde grens? Dan krijg jij niks.

Dit raakt vooral mensen die jarenlang goed verdienden, zorgvuldig spaarden, en vervolgens langdurig werkloos raken. Na 24 maanden WW moeten ze eerst hun spaargeld opmaken voordat ze recht hebben op bijstand. Voor een 55-jarige die zijn hele leven zuinig leefde en €20.000 spaarde, voelt dit als een bittere onrechtvaardigheid.

Sommige gemeenten bieden re-integratietrajecten, cursussen of coaching. Dit verschilt sterk per gemeente. Amsterdam investeert meer in begeleiding dan kleinere gemeenten met krappe budgets.

Conclusie: bereid je voor en weet waar je recht op hebt

De WW-uitkering biedt een vangnet, maar geen luxe. Je ontvangt maximaal 75% van je oude loon voor hooguit 24 maanden. Daarna volgt een forse inkomensval. De IOW-regeling biedt oudere werknemers enige bescherming, maar op minimumloonniveau.

Krijg je ontslag? Meld je direct werkloos. Verzamel je arbeidsverleden, ontslagpapieren en loonstroken. Weet welke variant van de WW bij jouw situatie past. Flexwerkers en seizoensarbeiders hebben een complexere positie, maar kunnen evengoed aanspraak maken op WW als ze aan de wekeneis voldoen.

Krijg je een afwijzing of maatregel die je onterecht vindt? Maak bezwaar en schakel zo nodig juridische hulp in. De WW is een recht, geen gunst. Maar dat recht moet je soms afdwingen met gedegen argumenten en bewijs.

Het allerbelangrijkste: blijf niet passief. Gebruik je WW-periode om actief naar werk te zoeken, jezelf bij te scholen of een andere carrièrerichting te overwegen. De arbeidsmarkt verandert snel. Wie stilzit, loopt achter.

Disclaimer. De informatie op deze website is uitsluitend bedoeld voor informatieve doeleinden en vormt geen juridisch of financieel advies. Raadpleeg bij twijfel een jurist, vakbond of het UWV.
Gecontroleerd door WerkUitleg-redactie
Gebaseerd op officiële bronnen: UWV, Belastingdienst, Rijksoverheid.
Meer over onze werkwijze
Verder lezen

Gerelateerde onderwerpen

Meer in WW & Ontslag

Lees ook