www.werkuitleg.nl
Editie 2026
WerkUitleg
Arbeidscontract

Arbeidscontract: wat zijn je rechten?

kan ik arbeidscontract

Kan ik mijn arbeidscontract aanpassen of beëindigen? Dit zijn je rechten

Je arbeidscontract regelt bijna alles tussen jou en je werkgever. Maar wat kun je er zelf aan veranderen? En wat als je het niet eens bent met wat erin staat? De praktijk is weerbarstiger dan veel werknemers denken.

Een arbeidscontract is juridisch bindend vanaf het moment dat beide partijen tekenen. Je kunt er niet zomaar uitstappen omdat je het niet meer ziet zitten. Toch zijn er wél mogelijkheden om aanpassingen door te voeren of het contract te beëindigen. Dat hangt af van je situatie, wat er in het contract staat, en of je werkgever meewerkt.

Wat de meeste mensen niet weten: je kunt zelfs na ondertekening nog argumenteren dat bepaalde clausules ongeldig zijn. Het staat er dan wel, maar dat betekent niet automatisch dat het rechtsgeldig is volgens artikel 7:610 BW en andere bepalingen uit Boek 7 van het Burgerelijk Wetboek.

Wat staat er eigenlijk in je arbeidscontract en wat is dwingend recht

Een Nederlands arbeidscontract moet minimaal een paar zaken bevatten: de naam van werkgever en werknemer, de functieomschrijving, het salaris, de arbeidsduur (vast of tijdelijk), en hoeveel uur je werkt. Daarnaast zie je vaak clausules over proeftijd, geheimhouding, concurrentiebeding en nevenwerkzaamheden.

Het punt: niet alles wat erin staat is heilig. Nederlands arbeidsrecht kent veel dwingend recht. Dat betekent dat bepaalde wetten altijd voorrang hebben, ook als je iets anders hebt afgesproken.

Stel je werkgever schrijft in je contract dat je maar 15 vakantiedagen per jaar krijgt terwijl je fulltime werkt. Dan is dat in strijd met artikel 7:634 BW, dat minimaal 4x het aantal werkdagen per week voorschrijft. Bij een vijfdaagse werkweek kom je dus uit op minimaal 20 dagen. Die 15 dagen in je contract? Ongeldig. Je hebt gewoon recht op 20 dagen.

Hetzelfde geldt voor salaris. Je werkgever mag je niet minder betalen dan het wettelijk minimumloon van €13,68 per uur (bruto, 21 jaar en ouder, bedrag geldig in 2026 volgens de Rijksoverheid). Staat er een lager bedrag in je contract? Dan mag je alsnog het minimumloon claimen.

Andere clausules zijn lastiger. Een concurrentiebeding kan bijvoorbeeld wél geldig zijn, maar alleen onder strikte voorwaarden. Het moet in het belang van de werkgever zijn, redelijk in duur en gebied, en je werkgever moet je compenseren tijdens de periode dat het beding loopt (tenzij je een werknemer bent met een leidinggevende functie of toegang tot bedrijfsgeheimen).

Je contract wijzigen tijdens je dienstverband: wanneer kan dat

Er zijn drie manieren waarop je arbeidscontract kan veranderen: met wederzijds goedvinden, via een eenzijdige wijzigingsbevoegdheid, of via een 'wijziging van omstandigheden'.

Wederzijds goedvinden is het meest voor de hand liggend. Jij en je werkgever spreken samen iets anders af. Dat kan formeel via een schriftelijke aanvulling op je contract, maar ook mondeling (hoewel schriftelijk altijd verstandiger is voor het bewijs). Wil je bijvoorbeeld minder uren gaan werken, of juist meer? Dan leg je dat voor aan je leidinggevende. Akkoord? Dan pas je het contract aan.

Let op: sommige werkgevers denken dat ze gewoon kunnen beslissen dat je voortaan andere taken doet of op andere tijden werkt. Dat kan alleen als er een wijzigingsbeding in je contract staat. Zo'n beding geeft de werkgever het recht om eenzijdig bepaalde onderdelen aan te passen, bijvoorbeeld je werktijden of standplaats. Maar ook dat mag niet zomaar. Artikel 7:613 BW stelt dat de werkgever alleen van zo'n beding gebruik mag maken als er een zwaarwichtig belang is, en als het redelijk is tegenover jou.

Stel je werkt al vijf jaar elke dag van 9 tot 5, en plots wil je werkgever dat je voortaan in drie avonddiensten per week werkt. Zonder goede reden, puur omdat het hen beter uitkomt. Staat er een wijzigingsbeding in je contract? Dan nóg kun je je ertegen verzetten als dit niet redelijk is. Heb je kinderen die je uit school moet halen? Of zorg je voor een zieke partner? Dan weegt dat zwaar mee.

Een derde mogelijkheid is 'wijziging van omstandigheden' op basis van artikel 6:258 BW. Dit is een ingewikkelde juridische constructie. Het betekent dat als omstandigheden drastisch veranderen, je voor de rechter kunt vragen of het contract aangepast moet worden. Bijvoorbeeld: je bent aangenomen als secretaresse, maar door een reorganisatie bestaat die functie niet meer en moet je ineens heel ander werk doen voor hetzelfde salaris. Dan kun je beargumenteren dat de omstandigheden zo zijn gewijzigd dat een aanpassing redelijk is. Dit komt in de praktijk weinig voor, omdat het vaak gecompliceerd en tijdrovend is.

Het contract beëindigen: de vijf Nederlandse ontslagroutes

Je arbeidscontract beëindigen is een ander verhaal. Nederland kent sinds de Wet Werk en Zekerheid (WWZ) uit 2015 vijf manieren waarop een contract eindigt:

  1. Van rechtswege (automatisch): een tijdelijk contract loopt af en wordt niet verlengd
  2. Ontslag op staande voet: bij ernstig plichtsverzuim (artikel 7:677 BW)
  3. Ontslag met wederzijds goedvinden: beiden tekenen een beëindigingsovereenkomst
  4. Ontslag via het UWV: de werkgever vraagt toestemming voor ontslag wegens bedrijfseconomische redenen of langdurige arbeidsongeschiktheid
  5. Ontslag via de kantonrechter: als er een verstoorde arbeidsrelatie is, of disfunctioneren, of ernstig verwijtbaar handelen

Als werknemer kun je zelf ontslag nemen. Dat heet ook wel 'opzeggen'. Je moet dan wel een opzegtermijn in acht nemen. Die staat vaak in je contract of in de cao. Is er niks geregeld? Dan geldt de wettelijke opzegtermijn van één maand (artikel 7:672 BW). Je moet je ontslag wel schriftelijk indienen, een whatsappje of mondeling bericht telt niet als officieel ontslag.

Wil je sneller weg? Dat kan alleen als je werkgever akkoord gaat, of als er sprake is van een 'dringende reden' aan de kant van de werkgever. Bijvoorbeeld: hij betaalt je maandenlang niet, of er is sprake van seksuele intimidatie. Dan kun je ontslag nemen op staande voet zonder opzegtermijn.

Wat veel werknemers niet weten: als je zelf ontslag neemt, krijg je geen WW-uitkering. Het UWV beschouwt je als 'verwijtbaar werkloos'. Je hebt je baan immers zelf opgezegd. Er zijn uitzonderingen, bijvoorbeeld als je een nieuwe baan hebt die niet doorgaat, of als je kunt aantonen dat je gedwóngen werd om ontslag te nemen. Maar de bewijslast ligt bij jou.

De bedenktijd: je handtekening terugdraaien binnen veertien dagen

Sinds 1 januari 2015 bestaat er in Nederland een bedenktermijn bij arbeidsovereenkomsten. Je hebt veertien dagen de tijd om een getekend contract te herroepen zonder opgaaf van reden. Dat staat in artikel 7:670b BW.

Dit geldt voor bijna alle arbeidscontracten. Zowel werkgever als werknemer kunnen hiervan gebruikmaken. In de praktijk zien we het vooral bij werknemers die na ondertekening twijfelen, bijvoorbeeld omdat ze een beter aanbod kregen of omdat ze het toch niks vinden.

Er zijn wel een paar haken en ogen. De bedenktijd geldt niet voor:

  • Cao-contracten waarbij het cao-overleg expliciet heeft besloten deze regeling uit te sluiten
  • Gevallen waar de arbeidsovereenkomst volledig is uitgevoerd binnen veertien dagen en beide partijen dat vooraf zijn overeengekomen
  • Uitzendkrachten met een contract bij een uitzendbureau (daar gelden andere regels)

Praktisch voorbeeld: je tekent op maandag 5 mei een contract. Je hebt tot en met zondag 18 mei om te herroepen. Dat moet schriftelijk, bijvoorbeeld per e-mail of aangetekende brief. Je hoeft geen reden te geven. Vanaf het moment van herroeping is het contract nietig, alsof het nooit heeft bestaan.

Één bijzonderheid: als je wél al bent begonnen met werken, moet je het loon dat je hebt ontvangen terugbetalen. Logisch, want je hebt immers gewerkt. Maar het betekent wel dat herroepen lastiger wordt naarmate je langer bezig bent.

Onterechte clausules: wanneer staat er iets in je contract dat niet mag

Er staan regelmatig clausules in arbeidscontracten die juridisch niet kloppen. Werkgevers kopiëren standaardcontracten, of ze proberen bewust meer af te spreken dan wettelijk is toegestaan.

Concurrentiebeding bij flexcontracten: een veelvoorkomend probleem. Een concurrentiebeding mag alleen bij een vast contract of bij een tijdelijk contract met een looptijd van langer dan zes maanden. Heb je een contract van drie maanden? Dan is een concurrentiebeding automatisch ongeldig volgens artikel 7:653 BW, ook al staat het erin.

Relatiebeding: dit verbiedt je om klanten of collega's na je vertrek mee te nemen. Een relatiebeding mag, maar moet wel redelijk zijn qua duur en reikwijdte. Een beding dat stelt dat je nooit meer zaken mag doen met wie dan ook die je via je werk hebt leren kennen? Dat gaat te ver.

Studiekostenbeding: je werkgever betaalt een opleiding, en jij moet die terugbetalen als je binnen een bepaalde tijd vertrekt. Dat mag, maar alleen als de opleiding duidelijk verder gaat dan wat nodig is voor je functie. Een verplichte cursie 'omgaan met klanten' voor een verkoper? Dat is gewoon onderdeel van je werk. Moet je dat terugbetalen als je weggaat? Waarschijnlijk niet rechtsgeldig. Daarentegen: een HBO-opleiding die je werkgever betaalt terwijl je parttime werkt? Daar mag wél een terugbetalingsregeling voor gelden.

Boeteclausules: sommige contracten bevatten een clausule dat je een boete moet betalen als je iets fout doet. Bijvoorbeeld €500 als je te laat komt. Dat soort boetes zijn vaak niet rechtsgeldig. De werkgever moet schade kunnen aantonen. Een boeteclausule die disproportioneel is, kan door de rechter worden gematigd op basis van artikel 6:94 BW.

Zie je iets vreemds in je contract? Teken dan niet meteen, maar vraag advies. Een jurist of vakbond kan je helpen te beoordelen of bepaalde clausules wel kloppen.

Wanneer je een arbeidsrechtadvocaat moet raadplegen

Er zijn situaties waarin een gesprek met je HR-afdeling of leidinggevende niet meer genoeg is. Dan is het verstandig om juridisch advies in te winnen bij een gespecialiseerde arbeidsrechtadvocaat.

Schakel een advocaat in als:

  • Je werkgever je onder druk zet om een beëindigingsovereenkomst te tekenen
  • Je een ontslag op staande voet hebt gekregen
  • Er een ontbindingsverzoek bij de kantonrechter loopt en je het daar niet mee eens bent
  • Je een vaststellingsovereenkomst aangeboden krijgt met ingewikkelde fiscale gevolgen
  • Je werkgever weigert je te laten gaan terwijl je een nieuwe baan hebt
  • Er een conflict is over een concurrentiebeding of relatiebeding
  • Je twijfelt of je WW-uitkering terecht is geweigerd door het UWV

Veel vakbonden bieden juridische bijstand voor leden. Denk aan FNV, CNV of een branchespecifieke vakbond. Als je geen lid bent, kun je terecht bij een arbeidsrechtadvocaat. De eerste consultation kost vaak tussen de €150 en €300. Dat lijkt veel, maar kan je duizenden euro's besparen als er een ontslagvergoeding, transitievergoeding of achterstallig loon in het spel is.

Let op: bij een ontslag via de kantonrechter of UWV heb je vaak maar een paar weken de tijd om verweer te voeren. Wacht dus niet te lang met het inschakelen van hulp.

De transitievergoeding: hoeveel geld krijg je bij ontslag

Als je arbeidscontract wordt beëindigd door je werkgever, heb je in veel gevallen recht op een transitievergoeding. Dat staat in artikel 7:673 BW. Deze vergoeding is bedoeld om de overgang naar ander werk te ondersteunen.

Je hebt recht op een transitievergoeding als:

  • Je arbeidsovereenkomst minimaal 24 maanden heeft geduurd (ook als dat via opeenvolgende tijdelijke contracten is)
  • Het contract wordt beëindigd op initiatief van de werkgever
  • Of als het tijdelijke contract niet wordt verlengd door de werkgever terwijl je dat wel verwachtte

De berekening: een derde van je maandsalaris per half jaar dat je in dienst bent geweest. Vanaf 10 jaar dienstverband wordt dit een half maandsalaris per heel jaar. Het klinkt ingewikkelder dan het is. Voorbeeld: je verdient €3.000 bruto per maand en werkt er 6 jaar. Dan krijg je (6 jaar × 2 halve jaren =) 12 × €1.000 = €12.000 transitievergoeding.

Er zitten maximumbedragen aan. De transitievergoeding mag niet hoger zijn dan €89.000 bruto, of een jaarsalaris als dat lager is. Het bedrag van €89.000 geldt in 2026 en wordt jaarlijks geïndexeerd.

Wat veel mensen niet weten: je krijgt geen transitievergoeding als:

  • Je zelf ontslag neemt
  • Je met pensioen gaat (AOW-leeftijd)
  • Het een ontslag op staande voet betreft wegens ernstig verwijtbaar handelen van jouw kant
  • Je werkgever failliet gaat (dan moet je de vergoeding claimen bij het UWV via een speciale regeling)

Bij een beëindigingsovereenkomst (ook wel vaststellingsovereenkomst genoemd) krijg je vaak een vergoeding die hoger is dan de transitievergoeding. Dat is onderhandelbaar. Werkgevers bieden soms 1,5 of 2 keer het wettelijke bedrag om gedoe te voorkomen.

Je WW-uitkering en ontslag: hoe beïnvloedt je contract dat

Of je recht hebt op een WW-uitkering hangt direct samen met hoe je arbeidscontract eindigt. Het UWV kijkt of je 'verwijtbaar werkloos' bent geworden.

Je krijgt wel WW als:

  • Je werkgever je ontslaat (via UWV of kantonrechter)
  • Je tijdelijke contract afloopt en niet wordt verlengd
  • Je met wederzijds goedvinden weggaat, maar alleen als de werkgever het initiatief heeft genomen
  • Je ontslag neemt met een dringende reden (maar die moet je wél kunnen bewijzen)

Je krijgt geen WW als:

  • Je zelf ontslag neemt zonder dringende reden
  • Je een ontslag op staande voet krijgt wegens verwijtbaar gedrag
  • Je weigert een redelijk aanbod voor ander werk bij dezelfde werkgever

De WW duurt maximaal 24 maanden, afhankelijk van je arbeidsverleden. Je krijgt de eerste twee maanden 75% van je dagloon, daarna 70%. Het dagloon wordt berekend op basis van je laatste salaris, tot een maximum. In 2026 ligt dat maximum dagloon op ongeveer €283 per dag.

Praktisch voorbeeld: stel je hebt jarenlang €4.000 bruto per maand verdiend en je wordt ontslagen. Je hebt recht op WW. De eerste twee maanden krijg je €3.000 per maand (75%), daarna €2.800 (70%). Maar let op: je moet direct na ontslag WW aanvragen bij het UWV. Wacht je te lang? Dan mis je inkomsten.

Eén veelgemaakte fout: mensen tekenen een beëindigingsovereenkomst zonder goed te lezen wie het 'initiatief' heeft genomen tot ontslag. Staat erin dat het in onderling overleg is beëindigd, zonder te vermelden dat de werkgever erom heeft gevraagd? Dan kan het UWV besluiten dat je geen recht hebt op WW. Laat daarom altijd expliciet opnemen: "De beëindiging vindt plaats op initiatief van de werkgever."

Cao's en hun invloed op wat je kunt veranderen

Bijna driekwart van de Nederlandse werknemers valt onder een cao (collectieve arbeidsovereenkomst). Die cao bevat vaak strengere regels dan de wet, of juist gunstigere voorwaarden. Belangrijkste punt: cao-bepalingen gaan vóór wat in je individuele contract staat, als ze gunstiger zijn voor jou.

Een voorbeeld: de cao Ziekenhuizen schrijft voor dat verpleegkundigen minimaal 25 vakantiedagen krijgen. De wet zegt 20 dagen (bij een vijfdaagse werkweek). Staat er in jouw contract 22 dagen? Dan heb je toch recht op 25 dagen, want de cao gaat voor.

Andersom kan het ook. Sommige cao's bevatten afwijkende regelingen over opzegtermijnen of proeftijd. Dat mag, zolang het niet in strijd is met dwingend recht. Zo hebben sommige cao's langere opzegtermijnen voor de werknemer dan wettelijk verplicht is. Dat betekent dat je langer aan je contract vastzit als je een andere baan vindt.

Wil je iets in je arbeidscontract aanpassen dat in strijd is met de cao? Dat kan alleen als de cao zelf ruimte biedt voor afwijkingen, of als zowel jij, de werkgever én de vakbonden (of ondernemingsraad) akkoord gaan. Dat laatste komt zelden voor.

Weet je niet of je onder een cao valt? Vraag het aan je HR-afdeling, of zoek op de website van de Rijksoverheid naar de cao-register. Daar staan alle algemeen verbindend verklaarde cao's.

Proeftijd terugdraaien: kan dat nog na ondertekening

Een proeftijd geeft zowel jou als je werkgever de kans om binnen een korte periode het contract te beëindigen zonder opgaaf van reden. De proeftijd mag maximaal twee maanden beduren bij een contract langer dan twee jaar, en maximaal één maand bij kortere contracten (artikel 7:652 BW).

Bij tijdelijke contracten korter dan zes maanden mag géén proeftijd worden afgesproken. Staat er toch een proeftijd in zo'n contract? Dan is die ongeldig. Je kunt gewoon doorwerken tot het einde van je contract, ook al probeert je werkgever je tijdens de 'proeftijd' eruit te werken.

Kun je een proeftijd nóg aanpassen nadat je het contract hebt getekend? Ja, als beide partijen daarmee instemmen. Stel je hebt een proeftijd van twee maanden afgesproken, maar na één maand zie je het al niet zitten. Je zou kunnen vragen of je werkgever akkoord gaat met het verkorten van de proeftijd, zodat je sneller weg kunt. Andersom kan het ook: werkgever en werknemer spreken samen af de proeftijd te verlengen (binnen de wettelijke maximumtermijn).

Iets wat werkgevers vaak proberen: je tijdens de proeftijd onder druk zetten om 'vrijwillig' te vertrekken. Bijvoorbeeld door te zeggen: "Het gaat niet goed, maar als je zelf ontslag neemt hoef je niet met een slecht verhaal de deur uit." Trap hier niet in. Als je zelf ontslag neemt, krijg je geen WW-uitkering en geen transitievergoeding. Laat je werkgever je formeel ontslaan tijdens de proeftijd. Dat mag zonder reden, en dan behoud je wél je rechten.

Praktisch scenario: je wilt minder uren werken

Stel je werkt al vijf jaar fulltime (40 uur per week) bij een middelgroot bedrijf. Je krijgt een kind en wilt terugschalen naar 32 uur. Mag je werkgever dat weigeren?

Sinds de Wet Flexibel Werken heb je het recht om aanpassingen in je arbeidsduur of werktijden aan te vragen. Je moet dat minimaal twee maanden van tevoren schriftelijk doen. Je werkgever moet binnen één maand een beslissing nemen, en mag je verzoek alleen afwijzen als er een zwaarwegend bedrijfsbelang is.

Voorbeelden van zwaarwegende bedrijfsbelangen:

  • Ernstige financiële of organisatorische problemen
  • Onmogelijkheid om de taken te herverdelen
  • Geen andere werknemers beschikbaar om het werk over te nemen

Maar je werkgever moet dat wél kunnen onderbouwen. "Het komt ons niet goed uit" is niet genoeg. Als je werkgever je verzoek afwijst zonder goede reden, kun je naar de rechter stappen. In veel gevallen oordeelt de kantonrechter dan dat je wél minder mag werken.

Praktisch stappenplan:

  1. Dien je verzoek schriftelijk in (e-
Disclaimer. De informatie op deze website is uitsluitend bedoeld voor informatieve doeleinden en vormt geen juridisch of financieel advies. Raadpleeg bij twijfel een jurist, vakbond of het UWV.
Gecontroleerd door WerkUitleg-redactie
Gebaseerd op officiële bronnen: UWV, Belastingdienst, Rijksoverheid.
Meer over onze werkwijze
Verder lezen

Gerelateerde onderwerpen

Meer in Arbeidscontract

Lees ook